skip to Main Content

De prins op de erwt | Column van Hilde

We eten pasta. In de saus heb ik ook verse doperwtjes gedaan. Aangezien mijn zoontje een hekel heeft aan alles dat groen is, probeer ik hem om de tuin te leiden. Bij zijn broer lukte mij dat ook altijd, dus ik heb goede hoop. Enthousiast schep ik zijn lepel vol en het erwtje verstop ik vakkundig onder een stuk fusilli. Ik stop de hap in zijn mond en hij begint te kauwen. “So far, so good” denk ik nog bij mezelf, maar dan besef ik me al snel dat ik te vroeg heb gejuicht. Zoonlief kijkt ineens heel moeilijk. Hij laat de hap eten wat in zijn mond rondgaan, stopt dan duim en wijsvinger in zijn mond en haalt dat ene erwtje eruit.. Mission failed!

Al zolang ik mij kan heugen, is mijn zoon behoorlijk gevoelig. Overgevoelig zelfs. Voor harde geluiden, te felle lichten, labeltjes in zijn kleding. Ik heb wel eens letterlijk 15 keer opnieuw zijn sokken moeten aantrekken, omdat het naadje aan de voorkant niet goed zat. Gelukkig waren al deze overgevoeligheden nog prima te behappen. Zo gauw wij wisten waar hij niet goed tegen kon, gingen we dat zoveel mogelijk uit de weg.

Maar toen kwam zijn vierde verjaardag. Een daarmee ook de onvermijdelijke overgang van het veilige kinderdagverblijf met vertrouwde kindjes en leidsters naar de kleuterschool vol onbekenden en nieuwe juffen.

Vanaf dat moment ging het ‘mis’. Hij kreeg hele boze buien die steevast uitliepen op onbedaarlijke hysterie. De kleinste dingetjes triggerden hem al en steeds vaker had hij om het minste of geringste vreselijke woedeaanvallen.

Na de zoveelste hysterische bui, die volgde op mijn vraag of hij zijn tanden wilde gaan poetsen, ben ik voor hem op mijn knieën gezakt. Ik legde mijn handen zachtjes op zijn nog oververhitte wangen en keek hem recht in zijn betraande ogen aan. “Wat maakt jou toch steeds zo boos mannetje?” vroeg ik. Zijn antwoord: “Ik word zo gek van al dat blabla mama. Op school, bij de BSO, thuis. Overal hoor ik alleen maar blablabla om me heen”.

Vraag me niet waarom, maar ineens kreeg ik een ingeving. Ik stuurde een appje naar een ervaringsdeskundige vriendin met één simpele vraag “Is mijn zoon hoogsensitief?” Haar kort maar krachtige antwoord volgde al snel:
“Ja, zeker weten”.
Dat bericht kwam binnen. Niet alleen op mijn telefoon, maar ook bij mij. En ik brak.

Ineens besefte ik me wat mijn zoon al die jaren te verduren heeft gehad. Want ook ik ben een hoogsensitief persoon (HSP) en weet dus als geen ander hoe overweldigend heftig die ogenschijnlijk kleine dingetjes voor hem moeten zijn.
Onverklaarbaar heftig zelfs, want het is best heel moeilijk om uit te leggen hoe het is om HSP te zijn. Zeker als het gezien wordt als aanstellerij, zelfs door vele medici.

Misschien is het een geluk bij een ongeluk dat mijn hoogsensitieve zoon mij als moeder heeft. Door de jaren heen heb ik mijzelf allerlei trucjes aangeleerd, die mij in staat stellen er ‘normaal’ mee om te gaan. En zo geef ik die weer door aan hem.

Hij kan inmiddels heel goed zijn grenzen aangeven en zijn gevoelens benoemen. Wordt een bepaalde situatie, zoals een verjaardag, hem te druk dan trekt hij zich even terug op zijn kamer. En heel stiekem ga ik wel eens met hem mee. Dan hebben we samen heel eventjes rust.

Natuurlijk gaat het ook nog wel eens mis. En dat mag. Zo heeft hij een hele moeilijke periode achter de rug toen we naar een tijdelijke woning moesten verhuizen. Alles was anders: het huisje, waar we op elkaars lip zaten, geen vriendjes in de buurt en een andere school. Tel daarbij op de stress die hij bij mij aanvoelde en zijn hoogsensitiviteit speelde weer enorm op. Gelukkig hebben hij en ik met hulp en steun van kindertolk Marguérite deze heftige maanden ‘overleefd’.

Het zal altijd een kwestie blijven van ‘rekening houden met’ en je zult mij nooit horen verkondigen dat het makkelijk is. Maar ik ben wel heel blij dat ik na al die jaren onbegrip eindelijk weet waar het allemaal vandaan komt.

Al heb ik een enorme hekel aan ‘labeltjes plakken’, weten waar je mee dealt is toch ook een groot goed!

 

Back To Top