skip to Main Content

Vroeger dacht ik altijd dat rijkdom gemeten kon worden aan het saldo op je bankrekening, de hoogte van je salaris, de auto waarin je rijdt. Ik denk dat dit beeld is ontstaan door de maatschappij waarin wij leven, het plaatje dat de media schetst.

Nu ik wat meer jaartjes op de teller heb, weet ik dat rijkdom misschien wel het meest relatieve begrip in onze woordenschat is. Wat voor de één een godsvermogen is, is voor de ander een schijntje. Wat voor een westerling armoede is, betekent voor iemand in de sloppenwijken van Brazilië welvaart.

Mijn kijk op rijkdom is de laatste jaren dan ook sterk veranderd.

Wanneer onze eerstgeborene aan zijn kleinste broertje voorleest. Wanneer onze middelste zoon foutloos tot 100 telt. Wanneer onze benjamin mij ’s ochtends begroet met een glimlach van oor tot oor. Op die momenten voel ik mij de rijkste vrouw op aarde.

Natuurlijk fantaseren wij ook wel eens wat we wel niet zouden kunnen doen als Winston op zondagavond bij ons aanbelt en ons die gouden koffer overhandigt. Ik denk dat weinig mensen nee zouden zeggen tegen een financieel onbezorgde toekomst.

Maar geen cent ter wereld kan kopen wat ik heb. De onvoorwaardelijke liefde van en voor mijn jongens. Die is namelijk onbetaalbaar.

Those-Who-Are-Rich-In-Love-Are-The-Richest-Of-All (2)

Back To Top