verhuis met dikke buik (#3)

tekening nina roos
tekening nina roos

Ik duik op de verhuisdoos. Klap hem open en trek de map met paspoorten eruit. Bier heeft gelukkig geen kleur. Maar… wacht eens even…

‘Bier heeft een oneindige stank!’, roep ik tegen iedereen in de bomvolle woonkamer. Ik denk aan de geur van een leeg café in de vroege morgen, die nu mijn administratie inkruipt. Aan letters van belangrijke brieven die in elkaar over gaan. ALLES moet uit de doos. NU! Niemand helpt me, waarschijnlijk met een reden (omdat ik ga brullen, of gillen, of slaan). Vlak boven de doos huil ik, hoop ik, onzichtbaar. Bier loopt er onder vandaan richting mijn warme voeten. Iemand heeft begrepen dat ik de doos leeg wil hebben en haalt alles eruit. Ik ruik mijn vriend. De tranen maken van onze nieuwe huiskamer een schuifsoep. Hij legt de papierhandel te drogen op een oude handdoek en nog nét zie ik dat diezelfde doek voor het verven is gebruikt en kreun. Ik wil zuchten en uitleggen maar laat los. Ik laat alles los en ga boven op een matrasje liggen. Met extra tranen, gewoon, omdat ik toch al aan het huilen was.

Slap hangen

Wat blijkt na het eten: we gaan het niet redden. We moeten nog een keer een bus huren en iedereen vragen om te helpen. Misschien is bij sommige zwangere vrouwen het ruimtelijk inzicht nog op orde, bij mij niet. Volgens mijn berekeningen kon de inboedel met gemak in twee keer rijden in een grote bus. Ik vergat de schuur niet, maar ik vergiste me wél in de inhoud. Op ons zoldertje bleken onwaarschijnlijk veel dingen ‘heel even’ neergelegd. En nooit meer omlaag gehaald. Tel daarbij alle spullen waarvan ik niet wist dat ik ze had. Met de toeters en bellen achterin mijn keukenkastjes kon ik met gemak vijf dozen vullen. Tupperware, pakt niet handig in. Net als een saké-setjes, en mijn hakken. Overigens zijn lampenkappen, planten, kunstwerken, kaarsenstandaards ook flinke kubieke meter vreters.

Pyjama

Maar wat nu?! Iedereen is vertrokken. Dinnerdip, en wég zijn ze, hoppa naar huis. Nou, beste iedereen: ik zit hier middenin een acute ZWANGERSCHAPSDIP. Ik ben dolblij dat iedereen verdwenen is, echt, maar het idee dat niets is afgerond maakt vreemde zenuwen wakker in mijn hoofd. Tel daar mijn riant opgezwollen benen bij op en ik ga nog een paar uur moeilijk doen. Punt. Uiteraard heb ik de dingen die ECHT belangrijk waren bewaard voor het laatst en deze zijn dus niet in ons nieuwe huis maar staan klaar in ons oude huis. Daar waar wij niet zijn en ook niet meer naartoe gaan vandaag. Bijvoorbeeld: Mijn oplader, mijn camera, mijn lievelingspyjama (en dat is eigenlijk ook de enige pyjama die ik aankan en wil).

Rauw, rauwer, rauwer

Een paar minuten later gedraag ik me zo vreemd dat ik naar bed gedragen word. Ik krijg een washandje volgezogen met lauw water en voordat ik kan bedenken of dat past bij mijn toestand ben ik in slaap gevallen. ’s Ochtends zie ik dat de administratie droog is, maar nog altijd slap hangt. Ik zie een kras op de commode, druppels muurverf op de plinten en heel veel zaken die schever zijn dan dat ik wil. We moeten een nieuw plan, voor de achtergebleven spullen in ons oude huis. Maar mijn handen zijn te zwaar voor nieuwe plannen, mijn kop ziet af en toe een vorm of kleur en daar maak ik dan een geluid bij. Dat is het. Daar houdt het allemaal op. ‘Wanneer zal ik die bus huren?’, vraagt mijn vriend. ‘Nu!’ wil ik antwoorden maar ik denk alleen maar aan een dampende kop koffie, een koud wit wijntje, leverpastei, alles rauw, rauwer, nog rauwer op een bord, én vliegen, naar Ijsland. In mijn lievelingpyjama.

 Lees ook:  zwanger verhuizen deel één en zwanger verhuizen deel twee

 

Tags uit het artikel
,
Geschreven door

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *